KenniscentrumZwangerschapAandoeningen › Hoge bloeddruk › Hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap

Hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap

Een normale bloeddruk is een bovendruk van rond de 125 mmHg en een onderdruk van ongeveer 75 mmHg. Er is sprake van een hoge bloeddruk als de bovendruk hoger is dan 140 of de onderdruk hoger dan 90. Een hoge bloeddruk komt bij ongeveer 5-18% van de zwangerschappen voor.
De kans op hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap is bij een eerste zwangerschap drie keer zo hoog als bij vrouwen die al eerder zwanger zijn geweest. De kiem voor een hoge bloeddruk wordt al gelegd op het moment dat de placenta wordt aangelegd. De exacte oorzaak is niet bekend. Onder andere het immuunsysteem, erfelijke factoren en ziekten zoals nierziekten en diabetes hebben invloed op de bloeddruk tijdens de zwangerschap.

Een hoge bloeddruk in de zwangerschap kan gepaard gaan met eiwitverlies in de urine. Dit wordt pre-eclampsie (ook wel zwangerschapsvergiftiging) genoemd. Als de hoge bloeddruk gepaard gaat met bepaalde stoornissen die in het bloed waarneembaar zijn (afbraak van rode bloedcellen, lage bloedplaatjes en stoornissen in de leverfunctie) spreekt men van het HELLP-syndroom.
Een sterk verhoogde bloeddruk, pre-eclampsie en het HELLP-syndroom kunnen bedreigend zijn voor de gezondheid van de moeder en van het kind.

Klachten

Bij een licht verhoogde bloeddruk hoeven er geen klachten te zijn. Bij een sterk verhoogde bloeddruk zijn veelvoorkomende klachten
  • hoofdpijn;
  • wazig zien of lichtflitsen zien;
  • pijn boven in de buik of een bandgevoel boven in de buik;
  • misselijkheid en braken;
  • plotseling veel vocht vasthouden.

Risico's

Hoe vroeger in de zwangerschap een bloeddrukziekte ontstaat, hoe groter de risico's voor de gezondheid van moeder en kind. Hogebloeddrukziekten beïnvloeden het functioneren van de placenta en kunnen zo voor het kind risico's geven op groeiachterstand. Het kind kan hierdoor in een slechte conditie kan raken. Bij pre-eclampsie is er voor de moeder het risico op eclampsie (zwangerschapsstuipen). Bij het HELLP-syndroom is de moeder ernstig ziek.
Hoewel de meeste vormen van hoge bloeddruk in de zwangerschap gelukkig weinig gevolgen hebben, kunnen ernstige vormen van pre-eclampsie en HELLP-syndroom voor moeder en kind levensbedreigend zijn.

Onderzoek

Als een hoge bloeddruk is vastgesteld, wordt de urine onderzocht op eiwit. Daarnaast wordt bloed afgenomen om onder andere te controleren of er sprake is van een verstoorde leverfunctie en verlaagd gehalte bloedplaatjes. Ook als er klachten zijn die kunnen passen bij hoge bloeddrukziekten, met of zonder hoge bloeddruk, zal urine- en bloedonderzoek worden gedaan.
Ook wordt er onderzoek gedaan om het welzijn van het kind te controleren. Met een echo kan de groei worden gevolgd, de hoeveelheid vruchtwater worden onderzocht en de bloeddoorstroming van de navelstreng worden gemeten. Met een hartritme-registratie (CTG) kan de conditie van het kind worden gecontroleerd.

Behandeling

Zwangere vrouwen met een hoge bloeddruk, pre-eclampsie of HELLP-syndroom zullen worden begeleid door een gynaecoloog. Ook de bevalling vindt plaats onder leiding van de gynaecoloog in het ziekenhuis.
Een hoge bloeddruk wordt met medicijnen behandeld. Afhankelijk van de ernst van de ziekte gebeurt wordt u opgenomen of poliklinische behandeld.
Bij ernstige hoge bloeddruk, pre-eclampsie en HELLP-syndroom wordt u opgenomen in het ziekenhuis om de conditie van u en uw kind optimaal te kunnen controleren en complicaties voor te zijn. Een echte behandeling van hoge bloeddrukziekten is er niet, het probleem gaat alleen over na de bevalling. Bij ernstige ziekte wordt daarom gestreefd naar een bevalling, afhankelijk van de conditie van de moeder en het kind en van de zwangerschapsduur. Indien mogelijk wordt de bevalling ingeleid, maar in acute situaties wordt een keizersnede toegepast. Bij een bevalling voor 36 weken zwangerschap en bij de geboorte van een heel licht kind, wordt de baby op de couveuseafdeling opgenomen. Wanneer het waarschijnlijk is dat de zwangerschap voor 32 weken beëindigd moet worden vanwege de gezondheid van moeder of kind, vindt overplaatsing naar een ziekenhuis plaats, waar een intensive care afdeling voor pasgeborenen (NICU) aanwezig is. Daar is voor het kind de beste zorg na de geboorte aanwezig.






Deel deze pagina: